ONZE EIGEN TUIN

 

OVER DIEREN

 'Al wat leeft'. 2011 (3)

De dieren die voorkomen in een moestuin in een veenweidegebied zijn niet allemaal even welkom.

 

 'Kip en kruid'. 2011 (4)

Over het nut van kippen in de tuin.

 

 'Witte zwanen, zwarte zwanen'. 2012 (1)

De symboliek en de gebruiken rond zwanen kennen een opmerkelijk lange geschiedenis.

 

 'Kikkers en padden'. 2012 (2)

De bevolking van een tuinvijver.

 

 'Wespennesten'. 2012 (3)

In de tuin zijn het slechts een paar soorten die overlast veroorzaken.

 

 'Libellen'. 2012 (4)

Ze hebben namen als watersnuffel, lantaarntje, viervlek, rombout of paardenbijter; gewoonlijk worden ze op een hoop gegooid als libellen.

 

 'Dieren in de nacht'. 2013 (1)

Nachtdieren krijg je niet zo gemakkelijk te zien. Dat is ook de bedoeling, want ze leven niet voor niets ’s nachts.

 'Kreeftalarm'. 2013 (2)

Niet erg veel mensen in Nederland zijn wel eens een rivierkreeft in het wild tegengekomen.

 

 'Ring en slang'. 2013 (3)

De slang die een cirkel vormt en zichzelf in de staart bijt is het symbool van eenheid en het cyclische karakter van de natuur.

 

 'Hamsteren'. 2013 (4)

Allerlei dieren verzamelen eten voor tijden met minder voedselaanbod.

 

 'Solitaire bijen'. 2014 (2)

De meeste van de 358 soorten bijen in ons land leven solitair.

 

 'Bladluizen'. 2014 (3)

Aan luizen heeft iedere tuinier een hekel.

‘Kleurige kevers’. 2015 (1) 34

Van loopkevers schrikken mensen vaak van ze omdat ze groot en snel zijn. De algemeenste, de tuinloopkever, is ook bekend als Gewone veldloopkever, woudloopkever of – de meest bijzondere naam – tuinschallebijter. Allerlei keversoorten komen in Nederlandse tuinen voor.

 

‘Groot avondrood’. 2015 (2) 45

Over de opvallend rozerood gekleurde pijlstaartvlinder en zijn rups, de ‘olifantsrups’.

 

‘Vlinders op brandnetel’. 2015 (3)

Johannes Goedaert (1617-1668) beschreef voor het eerst in zijn Metamorphosis naturalis de metamorfose van een aantal vlindersoorten.

 

‘Nesten tussen de stenen’.  2015 (4) 43

Nesten van de wegmier en van wespen- en bijensoorten.

 

‘Hoogvliegers’.   2016 (1) 53

Dieren die in de lucht tussen 150 en 11.000 meter hoogte zijn waargenomen.

 

‘Vliegende koninginnen’.

Het leven van bijen- en mierenkoninginnen.

 

‘Regenwormen’. 2016 (3) 47

 

‘Eekhoorns’. 2016 (4) 27

 

‘Veenmollen’. 2017 (1) 31

 

‘Bosuilen en ransuilen’. 2017 (2) 15

 

‘Woelratten’. 2017 (3) 33

 

‘Vuurkevers en leliehaantjes’. 2017 (4) 47

 

‘Roodborstje en kramsvogel’. 2018 (1) 37

 

‘Waterkevers’. 2018 (2) 23

 

‘Egels’. 2018 (3) 37

 

‘De kauw’. 2018 (4) 23

 

‘Koekoek’. 2019 (1) 31

 

‘Penseelkever’. 2019 (2) 9

 

‘Mollen’. 2019 (3) 23

 

‘Houtduif’. 2019 (4) 43

 

‘Goudhaantje’. 2020 (1)

 

‘Krekels’. (2020 (2)

 

‘Boktor’. 2020 (3) 17

 

‘Eendagsvliegen’. 2020 (4)

 

‘Groot dikkopje’. 2012 (2) 51

 

‘Hazelworm’. 2021 (2) 25

 

‘Groene specht’. 2021 (4) 31

 

‘Tjiftjaf’. 2022 (1) 21

 

‘Reiger’. 2022 (2) 35

 

‘Meer kikkers’. 2022 (3) 17

 

‘Hermelijn’. 2023 (4)

 

‘Groene gaasvlieg’. 2024 (1) 23

 

‘Merel’. 2024 (2) 9

 

‘Vos’. 2024 (3) 9

 

‘Minibijen’.  2024 (4) 49

 

'Staartmees'. 2025 (1) 19

 

'Bladmineerders'. 2025 (2) 

 

'Nachtegaal'. 2025 (3) 13

 

'Buxusmot'. 2025 (4) 23